Compositum

4 Simon

Een nieuwe dag in ziekenhuisland

hospitalfoodNadat ik om 6.00 ’s ochtends het ritueel van temperatuur en bloeddruk meten heb ondergaan (waarom moet dit op zo’n onchristelijk tijdstip?), krijg ik opnieuw antibioticum toegediend. Enkele uren later verschijnt er een arts aan mijn bed. Ze vertelt me dat ze later vandaag gaan bloedprikken om vast te stellen of de behandeling aanslaat.

Ze vertelt me ook dat wanneer dit niet het geval is, men eventueel zou kunnen besluiten mijn amandelen te verwijderen. Ik vloek inwendig en vergeet even dat ik niet kan slikken. Ze vervolgt: ‘…maar dat doen we liever niet.’ Ik slik andermaal. Van opluchting nu. ‘Ik voel me al een heel stuk beter,’ zeg ik. Het is de waarheid.

Meneer Vos is intussen afgevoerd, Bep is verwisseld voor een Turkse Geitenkamper. Alleen Wilma en ik blijven op de spoedeisende hulp, aangezien op de aangewezen afdelingen voor ons geen plek kan worden gecreëerd. Ik vind het goed. Wilma is een veeleisende en toch ook wel aardige lastpak. Mijn Turkse buurman is een lieverd. En ik, ik voel me hoe dan ook beroerd, of het nu hier is of op een andere afdeling.

Buurman vertelt vol trots over zijn zeventien (!) kleinkinderen. Goedemorgen, denk ik, die heeft ‘m niet enkel met pissen versleten… Ik vraag hem of hij toevallig bekend is met een collega van mij (eveneens een Geitenkamper). Hij kijkt me lang zwijgend aan en zegt dan: ‘Isj nie goed.’ Ik blijf er bijna in. Dan komt de voedingsassistente binnen en reikt ons de menukaart aan.

Ik kan alweer wat beter slikken en besluit het erop te wagen. Mijn maag rammelt; ik heb sinds zondag praktisch niets meer gegeten en (ik mocht dit van mijn vader nooit zeggen): ik heb honger! Ok, ik heb trek. Ik bestel een gehaktbal met crèmesaus, een grote portie spinazie, twee bolletjes aardappelpuree met bieslook, een verse fruitsalade en appelmoes.

Even na vijven wordt het eten binnengebracht. Het ruikt heerlijk. In mijn haast vergeet ik heel mijn slabbertje om te doen. Omdat ik mijn mond maar beperkt open krijg, valt er van elke hap die ik probeer binnen te werken, een deel terug op mijn bord. Ik weet niet hoe ik het klaarspeel, maar aan het eind van de maaltijd (ik eet mijn bord leeg tot en met de laatste hap) ben ik nog onbevlekt.

Tegen elf uur ’s avonds (iedereen slaapt al!) maak ik een mooie tekening voor mijn Turkse buurman. Een praatjesmaker met een klein hart. Ik weet dat hij vreselijk opziet tegen zijn galblaasoperatie. Sterkte en beterschap, schrijf ik eronder. Ik maak me op voor een zoveelste nacht van hazenslaapjes. Mijn buik doet pijn; ik heb teveel gegeten…

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Informatie

Dit bericht is geplaatst op 7 juli 2010 door in Persoonlijk.

Archief

Blog statistieken

  • 8.927 hits

Laat je e-mail adres achter om Compositum te volgen

Voeg je bij 6 andere volgers

%d bloggers liken dit: